Checklist voor de samenwerking met een buitenlandse (onder)aannemer in de bouw- DEEL 1

Wanneer u als opdrachtgever/aannemer heden ten dage beroep doet op een buitenlandse (onder)aannemer dan kan en mag u niet meer licht over deze samenwerking gaan. De inspectie bekijkt deze samenwerkingsverbanden met argusogen en ook de wetgever legt steeds meer verplichtingen (en aansprakelijkheden!) op uw schouders.

De overheid wil hiermee fraude en sociale dumping in de bouwsector tegengaan en de malafide aannemers uit de markt krijgen. De bedoeling is nobel en de maatregelen nodig maar voor u als bouwonderneming betekent dit vooral heel wat meer kopzorgen.

In een tiendelige reeks willen wij – via driewekelijkse nieuwsbrieven – de volgens ons belangrijkste topics op bondige en bevattelijke wijze én met een praktische invalshoek onder uw aandacht brengen zodat u op het einde als het ware een checklist heeft:

 

  • Limosa-aangifte en detacheringsformulier A1
  • Illegale tewerkstelling
  • Werkmelding aan RSZ
  • Elektronische aanwezigheidsregistratie op de werf
  • Inhoudingsplicht en hoofdelijke aansprakelijkheid voor sociale en/of fiscale schulden
  • Toepasselijke arbeids- en loonvoorwaarden
  • Aanmelding bij PDOK
  • Hoofdelijke aansprakelijkheid voor loonschulden
  • Terbeschikkingstelling en schijnzelfstandigheid
  • Welzijn werknemers en veiligheidsverplichtingen

 

In deze eerste nieuwsbrief geven wij meteen het startschot met de Limosa-aangifte en detacheringsformulier A1.

Zoals u allicht weet is een buitenlandse aannemer/zelfstandige die tijdelijk of gedeeltelijk in België opdrachten of werkzaamheden uitvoert, verplicht deze activiteiten, alvorens ze aan te vatten, te melden aan de RSZ via een Limosa-aangifte.

U als opdrachtgever/(hoofd)aannemer bent op uw beurt verplicht om te controleren of iedere buitenlandse zelfstandige of door die zelfstandige gedetacheerde werknemer in het bezit is van een meldingsbewijs L1.

Iedere werknemer op de werf dient het document L1 bij zich te dragen en bij een controle op eenvoudig verzoek van de controleur te kunnen voorleggen.

Wij raden u aan om zelf ook een kopie van dit document bij te houden.

Wanneer het meldingsbewijs L1 ontbreekt bent u verplicht om dit te melden via de website www.socialsecurity.be, dan wel zelf de Limosa-aangifte in orde te brengen.

Doet u dit niet dan stelt u zich bloot aan een sanctie van niveau 3, zijnde een strafrechtelijke boete van 600 tot 6.000 EUR, hetzij een administratieve geldboete van 300 tot 3.000 EUR en dit per niet-gemelde werknemer.

Onnodig uit te leggen dat de bedragen al snel kunnen oplopen.

 

Een ander document dat u dient te controleren is het detacheringsformulier A1.

De werknemers van een EER-bouwonderneming die haar werknemers tijdelijk in België tewerkstelt, blijven in principe onderworpen aan de sociale zekerheid van het land waar zij gewoonlijk tewerkgesteld zijn.

Om te bewijzen dat zij niet onderworpen is aan de Belgische sociale zekerheid en bij de RSZ geen schulden heeft, zal de buitenlandse bouwonderneming voor alle werknemers die zij in België tewerkstelt een geldig detacheringbewijs A1 moeten kunnen voorleggen.

De buitenlandse werknemers moeten het A1-formulier altijd bij zich hebben op de werkplaats.

Ook hier willen wij u aanraden om als opdrachtgever/(hoofd)aannemer een kopie van het formulier A1 op te vragen en bij te houden.

In onze tweede nieuwsbrief gaan we dieper in op uw aansprakelijkheden als opdrachtgever/(hoofd)aannemer als uw (onder)aannemer illegale derdelanders tewerkstelt.

Mr. Johan Nulens & Mr. Veerle Nijs

© 2015 Argus Advocaten