Flexibel tewerkstellen in tijden van corona. Afwijkende regels voor de kritieke sectoren.

Met het Bijzondere Machtenbesluit nr. 14 wil de Federale Regering ervoor zorgen dat de ondernemingen uit de kritieke sectoren over voldoende werknemers beschikken om hun werking te garanderen.

 Concreet worden er zes maatregelen uitgewerkt, die allen tijdelijk van aard zijn.

Toepassingsgebied

De maatregelen voorzien in het Bijzondere Machtenbesluit nr. 14 zijn van toepassing op de “kritieke sectoren”. Hieronder worden verstaan de sectoren die in het raam van de reeds genomen ministeriële besluiten beschouwd worden als “cruciale sectoren en essentiële diensten”.  

Overzicht maatregelen

1/Verhoging van het aantal vrijwillige overuren

Vanaf 01.02.2017 kunnen op initiatief van de werknemer en met zijn akkoord de vaste of flexibele arbeidsduurgrenzen overschreden worden met eerst 100 en vanaf 23.04.2019 120 vrijwillige overuren per kalenderjaar.

In de kritieke sectoren wordt voor de periode van 01.04.2020 t.e.m. 30.06.2020 het aantal vrijwillige overuren verhoogd tot 220 uren.

De bijkomende vrijwillige overuren:

-moeten gepresteerd worden tijdens de periode van 01.04.2020 t.e.m. 30.06.2020

-tellen niet mee voor de berekening van het gemiddeld aantal uren per week berekend over een trimester en evenmin voor de 143-urengrens

-moeten niet gerecupereerd worden

-geven geen aanleiding tot de betaling van de overloontoeslag van 50% of 100%

-maken het voorwerp uit van een voorafgaande schriftelijke overeenkomst tussen werkgever en werknemer

-zullen naar alle waarschijnlijkheid vrijgesteld worden van socialezekerheidsbijdragen en mogelijks ook van belastingen

2/Versoepeling tewerkstellingsvoorwaarden asielzoekers

Normalerwijze mogen asielzoekers pas na het verstrijken van een periode van vier maanden, te rekenen vanaf het indienen van het verzoek tot asiel, werken. Deze termijnvoorwaarde vervalt voor de periode van 01.04.2020 t.e.m. 30.06.2020 voor zover de asielaanvraag ten laatste op 18.03.2020 geregistreerd werd.

Wel vereist is dat de werkgever instaat voor de opvang van de asielzoeker.

3/Opeenvolging van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde duur

Artikel 10 van de Arbeidsovereenkomstenwet voorziet dat wanneer partijen verschillende opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde duur afsluiten zonder dat er sprake is van een onderbreking, toe te schrijven aan de werknemer, zij geacht worden een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur te zijn aangegaan, behalve wanneer de werkgever het bewijs levert dat deze overeenkomsten gerechtvaardigd waren wegens de aard van het werk of een andere wettige reden.

Voor de ondernemingen die behoren tot de kritieke sectoren komt er voor de periode van 01.04.2020 t.e.m. 30.06.2020 een versoepeling op deze regel.

Opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde duur worden tijdens deze periode niet beschouwd als een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur wanneer ze minstens voor een periode van zeven kalenderdagen worden afgesloten.

4/Terbeschikkingstelling van werknemers

In afwijking op het principiële verbod op terbeschikkingstelling van personeel, zoals voorzien in de Wet van 24 juli 1987, kunnen werkgevers uit niet-kritieke sectoren tijdens de periode van 01.04.2020 t.e.m. 30.06.2020 werknemers voor wie ze geen werk hebben ter beschikking stellen van werkgevers uit kritieke sectoren.

Hiertoe is vereist:

-Dat de werknemer die wordt ter beschikking gesteld reeds op 10.04.2020 in dienst was bij de werkgever uit de niet-kritieke sector

-Dat er een voorafgaandelijke overeenkomst wordt afgesloten tussen de werkgever, de gebruiker en de werknemer waarin de voorwaarden en de duur van de terbeschikkingstelling wordt vastgelegd.

De voorafgaandelijke goedkeuring van de sociale inspectie is uitzonderlijk niet vereist.

De onderneming uit de niet-kritieke sector blijft tijdens de periode van terbeschikkingstelling uiteraard de werkgever van de betrokken werknemer. De gebruiker uit de kritieke sector zal evenwel hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de betaling van de sociale bijdragen, lonen, vergoedingen en andere voordelen aan de werknemer tijdens de periode van terbeschikkingstelling. Die lonen, vergoedingen en voordelen mogen trouwens niet lager zijn dan deze die de werknemers die dezelfde functies in de onderneming van de gebruiker uitoefenen ontvangen.

Tijdens de periode van terbeschikkingstelling is de gebruiker uit de kritieke sector verantwoordelijk voor de toepassing van de wetgeving inzake arbeidsduur, feestdagen, zondagsrust, moederschapsbescherming, jeugdarbeid, discriminatie, gelijke behandeling van mannen en vrouwen, arbeidsreglement, deeltijdse arbeid en welzijn op het werk.

5/Studentenarbeid

De uren die een student presteert tijdens de periode van 01.04.2020 t.e.m. 30.06.2020 worden niet meegeteld bij de berekening van het jaarlijkse contingent van 475 uren die gepresteerd mogen worden tegen verlaagde RSZ-bijdragen.

6/Tijdelijke tewerkstelling in vitale sectoren

Daar waar de voorgaande vijf maatregelen van toepassing waren op de kritieke sectoren, geldt de zesde enkel voor ondernemingen die behoren tot de vitale sectoren. Welke deze sectoren zijn, blijkt uit een bijlage bij het Bijzondere Machtenbesluit nr. 14. Thans gaat het om de ondernemingen die ressorten onder volgende paritaire comités:

-PC nr. 144 voor de landbouw, op voorwaarde evenwel dat de werknemer uitsluitend wordt tewerkgesteld op de eigen gronden van de werkgever

-PC nr. 145 voor het tuinbouwbedrijf, met uitzondering van sector inplanting en onderhoud van parken en tuinen

-PC nr. 146 voor het bosbouwbedrijf

-PC nr. 322 voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, op voorwaarde dat de uitzendkracht wordt tewerkgesteld bij een gebruiker in een van de genoemde sectoren

Een werknemer tewerkgesteld bij een werkgever uit de vitale sector, wiens arbeidsovereenkomst volledig of gedeeltelijk geschorst is in het kader van tijdskrediet, loopbaanonderbreking of thematisch verlof, kan met zijn werkgever overeenkomen om de onderbreking of vermindering van arbeidsprestaties tijdelijk op te schorten.

Tevens bestaat de mogelijkheid voor dezelfde categorie van werknemers om tijdens de duur van de onderbreking of vermindering van zijn arbeidsprestaties tijdelijk door een andere werkgever die behoort tot een vitale sector te worden tewerkgesteld.

De tijdelijke schorsing van de onderbreking of vermindering van de arbeidsprestaties in het kader van tijdskrediet, loopbaanonderbreking of thematisch verlof is maar mogelijk tijdens de periode van 01.04.2020 t.e.m. 31.05.2020.

De betrokken werknemer moet de RVA voorafgaandelijk schriftelijk op de hoogte brengen van voormelde tijdelijke opschorting.

Tijdens de periode van tijdelijke opschorting heeft de betrokken werknemer geen recht op een uitkering van de RVA wanneer hij is tewerkgesteld bij zijn eigen werkgever. Wordt hij tewerkgesteld bij een andere werkgever dan behoudt hij zijn uitkering, die echter verminderd wordt met 1/4e.

Hierbij aansluitend voorziet ook het Koninklijk Besluit van 23 april 2020 in de mogelijkheid voor tijdelijk werklozen en werklozen met bedrijfstoeslag (SWT) om tijdens de periode van 01.04.2020 t.e.m. 31.05.2020 tijdelijk te worden te werk gesteld bij een werkgever uit een vitale sector met gedeeltelijk behoud van zijn werkloosheidsuitkering.

 

Bron: Bijzondere Machtenbesluit nr. 14 tot uitvoering van artikel 5, §1, 5° van de Wet van 27 maart 2020 die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVIS-19 (II) tot vrijwaring van een vlotte arbeidsorganisatie in de kritieke sectoren, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 28.04.2020.

Veerle SCHEYS

Kantoren

Argus Advocaten

Kolonel Dusartplein 34 bus 1
3500 Hasselt

Louis Pasteurstraat 21
3920 Lommel

© 2015 Argus Advocaten